maandag 19 november 2012

Belg worden, of de survival of the fittest

De onlangs gestemde verstrengde nationaliteitswet omvat een economisch criterium dat sociaal zwakkeren, en met name vrouwen, discrimineert. Deze onrechtvaardigheid werd aangeklaagd door Eva Brems in een opiniestuk dat we hieronder, met haar zegen, herpubliceren.
 
"Alle Belgen zijn gelijk voor de wet (of dat is althans de bedoeling). Maar om Belg te kunnen worden, is de ene echt wel veel gelijker dan de andere, zegt Eva Brems. De Belgische nationaliteit wordt een heel erg darwinistische bedoening.
 
Het federaal parlement stemt morgen over een nieuwe nationaliteitswet. Er liggen twee wijzigingen voor. De zogeheten ‘naturalisatie’, of nationaliteitsverwerving via het parlement, die nu nog mogelijk is na drie jaar wettig verblijf in het land, wordt een uitzondering. En de ‘snel-Belgprocedure’, of de nationaliteitskeuze, die nu kan zonder voorwaarden na zeven jaar wettig verblijf, wordt gekoppeld aan integratievoorwaarden, die zeer streng zijn voor wie tussen vijf en negen jaar in het land is. Ook voor wie tien jaar of langer wettig in ons land verblijft worden de voorwaarden nog steeds behoorlijk streng.
 

Groen zal tegen het wetsvoorstel stemmen. Met spijt in hart eigenlijk, want er zitten een aantal elementen in die wij echt wel goed vinden. Een taalvoorwaarde bijvoorbeeld is zinvol in een land als het onze, en we zijn blij dat die op een geobjectiveerde manier is opgevat.

Of de wijziging van de naturalisatieprocedure via het parlement, die ons al langer een doorn in het oog was. Parlementsleden die in groepjes van drie individuele dossiers behandelen, die naar eigen inzicht en vaak naar eigen ideologie bepalen wie er wel en niet in aanmerking komt om Belg te worden, als Romeinse keizers die hun duim omhoog of omlaag doen, dat is niet op zijn plaats in de 21ste eeuw. Het is een procedure die neigt naar willekeur en naar politiek dienstbetoon, we hadden ze liefst van al helemaal zien verdwijnen.

Rode loper

Maar ze is behouden voor een select clubje van atleten, artiesten en wetenschappers. Zij zullen nog Belg kunnen worden door naturalisatie, zelfs als ze nog maar pas in ons land zijn. Zij zullen nog altijd snel Belg kunnen worden, zonder enige integratievoorwaarde, zonder een van de landstalen te kennen, en overigens ook ongeacht hun economische participatie of hun intentie daartoe.

Uit de buitenlanders die Belg willen worden, wil men dus een elite selecteren voor wie de rode loper wordt uitgerold. Alle Belgen zijn gelijk, maar om Belg te kunnen worden zijn sommigen meer gelijk dan anderen.
 
Die selectie-logica blijft niet beperkt tot de bepalingen over naturalisatie. De nieuwe criteria voor nationaliteitskeuze na vijf jaar resulteren in een sociale selectie die het voor kwetsbare groepen – mensen die hun school niet hebben afgemaakt, mensen die geen werk vinden – veel moeilijker maakt om de Belgische nationaliteit te verwerven dan voor mensen die al veel kansen kregen.

Dé meest problematische bepaling is dan ook de vereiste van ‘economische participatie’ die geldt voor wie de nationaliteit wil verwerven na vijf jaar verblijf en niet gehuwd is met een Belg. Dat komt boven op een taalvereiste én een integratievoorwaarde: gedurende de voorbije vijf jaar moet men twee jaar voltijds gewerkt hebben (of in opleiding zijn geweest). Dat is een perverse voorwaarde, zeker nu de economische crisis voor zwaar jobverlies zorgt in ons land. De tewerkstellingsgraad bij immigranten ligt in geen enkel Europees land lager dan in België. Nationaliteit blijkt bovendien een cruciale factor om aan werk te geraken. Een studie van de Universiteit Antwerpen toont aan dat de Belgische nationaliteit verwerven voor niet-Europeanen maar liefst 25 procent meer kans op stabiel werk oplevert. Belg worden werkt dus als een kansenversneller op de arbeidsmarkt.

De nieuwe wet negeert dat straal. In plaats van mensen die onze taal spreken, die hun integratie hebben bewezen, en die willen werken die ruggensteun te geven, gaat ze hen opsluiten in een vicieuze cirkel voor wie geen werk vindt: minstens tien jaar wachten om Belg te worden.

Nog erger voor vrouwen

Wat de traditionele partijen en N-VA er zonder verpinken bijnemen, is het desastreuze effect van het economische criterium op vrouwen. Wie halftijds werkt, doet er dubbel zo lang over om aan het vereiste aantal arbeidsdagen te komen, en moet dus dubbel zo lang wachten om Belg te kunnen worden. In Vlaanderen werken 43 procent van de loontrekkende vrouwen deeltijds – tegenover 8 procent van de loontrekkende mannen. Wie ervoor kiest om thuis te blijven, bijvoorbeeld om zich te wijden aan het huishouden en de opvoeding van de kinderen, of om voor zieke of bejaarde gezinsleden te zorgen, komt met de nieuwe wet helemaal niet meer in aanmerking voor nationaliteitskeuze na vijf jaar. Zo on-Belgisch is thuisblijven voor zorg nochtans niet: in de leeftijdscategorie van 40 tot 64 jaar maakt 8 procent van de bevolking die keuze, of 300.000 Belgen (waarvan 98 procent vrouwen).

Maar aan buitenlandse vrouwen en mannen die zo’n keuze maken, zullen de christendemocraten, socialisten en liberalen samen met N-VA zeggen: wat u doet, is geen waardevolle keuze, als huisvrouw (of huisman) bent u een veel minder goed burger dan iemand die gaat werken. Een uitzondering daarop bestaat alleen voor wie met een Belg getrouwd is. Met andere woorden: het huishouden doen voor een Belgische man is een teken van integratie, maar wie het huishouden doet voor een buitenlandse man is slecht bezig.

De nieuwe nationaliteitswet zal dus niet alleen een sociale selectie doorvoeren, maar bovendien willens en wetens vrouwen marginaliseren."
 
(Dit opiniestuk van Eva Brems verscheen op 24 oktober 2012 in De Standaard, en is ook te raadplegen op de website van Eva Brems http://www.evabrems.be/belg_worden_de_survival_fittest)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen